Een teamwiel toont hoe je team zich gedraagt: wie stuurt, wie verbindt, wie afremt. Een drijfverenanalyse toont waarom ze dat doen. Zet je beide naast elkaar, dan zie je niet alleen de patronen in je team, maar ook de motor eronder. Dat is precies waar een teamanalyse met alleen gedrag vaak vastloopt.
Twee teams met exact hetzelfde DISC-teamwiel, evenveel D's, I's, S'en en C's, kunnen totaal verschillend functioneren. Het ene team vliegt, het andere ploetert. Het verschil zit een laag dieper: in wat de mensen in dat team drijft.
Bij TalentFirst werken we voor de gedragskant met You.Manual™, onze doorontwikkeling van DISC. In dit artikel lees je hoe je het teamwiel en een drijfverenanalyse combineert tot één compleet beeld van je team.
Wat laat het DISC-teamwiel op teamniveau zien?
Het DISC-teamwiel plaatst alle teamleden in één wiel, op basis van hun gedragsstijl. DISC is een gedragsanalysemodel met vier stijlen: D (Dominant), I (Invloed), S (Stabiel) en C (Consciëntieus). Het wiel toont alleen het gedrag dat boven de energielijn van 50 scoort, het gedrag dat energie geeft in plaats van kost.
In één oogopslag zie je waar het zwaartepunt van je team ligt, welke stijl ontbreekt en wie zich sterk aanpast tussen basisstijl en responsstijl. Wil je die drie stappen in detail doorlopen, lees dan het DISC-teamwiel lezen.
Dat is waardevolle informatie. Maar het wiel vertelt je niet waarom een teamlid zijn D-gedrag inzet, of waarom een S'er die harmonie zo hard bewaakt. Daarvoor heb je een tweede laag nodig.
Wat voegt een drijfverenanalyse toe aan een teamanalyse?
Een drijfverenanalyse meet motivatie in plaats van gedrag. TalentFirst werkt met het Motivators-model: zeven drijfveren die voortbouwen op het werk van Eduard Spranger, maar doorontwikkeld zijn. Ze bepalen wat iemand belangrijk vindt en waar hij energie van krijgt op de lange termijn.
- Esthetisch: schoonheid, harmonie en balans.
- Economisch: rendement, resultaat en praktisch nut.
- Individualistisch: autonomie en onafhankelijkheid.
- Politiek: invloed, macht en controle.
- Dienend: van betekenis zijn voor anderen.
- Ordenend: orde, structuur en principes.
- Theoretisch: kennis, begrip en inzicht.
Het ijsbergmodel maakt het verschil met DISC in één beeld duidelijk. Gedrag zit boven de waterlijn en is zichtbaar. Drijfveren zitten eronder en vragen een eigen analyse. Een uitgebreide beschrijving van elke drijfveer vind je in ons overzicht van de zeven drijfveren.
Hoe leg je gedrag en drijfveren van een heel team naast elkaar?
Begin bij het teamwiel. Bespreek eerst de gedragspatronen: het zwaartepunt, de ontbrekende stijl, de collega's die zich sterk aanpassen. Dat gesprek is concreet en herkenbaar, en geeft het team meteen een gezamenlijke taal.
Verzamel daarna per teamlid een drijfverenprofiel en leg dat naast zijn positie in het teamwiel. Waar je bij DISC kijkt naar clusters en lege kwadranten, kijk je bij drijfveren naar overeenkomst en verschil binnen dezelfde stijl. Twee D's op precies dezelfde plek in het wiel kunnen compleet verschillende drijfveren hebben: de één Economisch, de ander Politiek. Dat verklaart waarom ze, ondanks hetzelfde gedrag, iets anders op tafel leggen in een vergadering. Hoe dat er per DISC-stijl uitziet, lees je in zelfde DISC-stijl, andere drijfveer.
Zo ontstaat een dubbele kaart van je team: één laag voor het zichtbare gedrag, één laag voor de motivatie eronder. Pas als je beide over elkaar legt, zie je waarom sommige samenwerkingen soepel lopen en andere blijven schuren, ook al klopt het gedrag op papier.
Wat zie je pas als je beide lagen samen bekijkt?
Stel: je team heeft een gezond, gemengd teamwiel. Alle vier de stijlen aanwezig, niemand extreem uitgeschoten. Op gedragsniveau zou dit team moeten floreren. Toch loopt de energie eruit.
Leg je de drijfverenprofielen ernaast, dan zie je vaak het echte patroon. Een cluster teamleden heeft een sterke Politieke drijfveer en wil allemaal invloed op dezelfde beslissing. Niemand heeft een sterke Ordenende drijfveer om het proces te bewaken. Het gedrag oogt gebalanceerd, de motivatie trekt het team juist uit elkaar.
Het omgekeerde gebeurt ook. Een team met een scheve stijlverdeling, bijvoorbeeld veel S'en, kan toch goed functioneren als de drijfveren elkaar aanvullen. De motivatie compenseert dan wat het gedrag alleen niet laat zien. Dat is precies waarom een teamanalyse met uitsluitend DISC een onvolledig verhaal vertelt.
Hoe pak je een teamsessie met DISC en drijfveren aan?
Stap 1: bespreek eerst het teamwiel
Start met gedrag. Laat het team het teamwiel herkennen: klopt dit beeld met hoe wij vergaderen en beslissen? Dat gesprek opent makkelijk, omdat gedrag zichtbaar en herkenbaar is.
Stap 2: introduceer de drijfverenlaag apart
Plan hiervoor een aparte sessie of een apart blok. Doe dat niet in dezelfde sessie als het teamwiel. Elk inzicht heeft tijd nodig om te landen, zeker als een heel team tegelijk zit te verwerken. Leg per teamlid kort de top-drijfveren uit, zonder ze te herleiden uit het eerder besproken gedrag.
Stap 3: zoek de kruispunten
Vraag het team: waar versterken gedrag en drijfveren elkaar, en waar botsen ze? Wie doet werk dat past bij zijn stijl, maar niet bij zijn drijfveer? Dat is vaak het teamlid dat op papier goed functioneert, maar in de wandelgang aangeeft leeg te lopen.
Stap 4: vertaal naar teamafspraken
Maak het concreet. Wie pakt welke rol, gegeven zowel zijn gedragsstijl als zijn motivatie? Zo wordt de teamanalyse geen momentopname, maar een werkdocument voor hoe jullie samenwerken.
Welke valkuilen zijn er bij een teamanalyse met twee instrumenten?
Valkuil 1: drijfveren afleiden uit gedrag. Een teamlid met een directe D-stijl hoeft geen Politieke drijfveer te hebben. Gedrag kun je observeren, motivatie niet; daar heb je de aparte analyse voor nodig.
Valkuil 2: het team in nieuwe hokjes plaatsen. DISC en drijfveren samen leveren geen dubbel label op. Iedereen vertoont meerdere stijlen en weegt zijn drijfveren anders per situatie.
Valkuil 3: alles in één sessie proppen. Twee rapporten per teamlid is veel informatie voor één middag. Verdeel de sessies en geef het team ruimte om te verwerken.
Valkuil 4: over een test spreken. Zowel DISC als de drijfverenanalyse zijn analyses, geen toetsen. Er is geen goed of fout profiel, en dat woordgebruik bepaalt hoe vrij een team het gesprek in gaat.
Hoe past You.Manual™ in een teamanalyse met drijfveren?
In een teamsessie is You.Manual™ het rapport waarmee je de gedragskant voedt: het teamwiel, de energielijn en de posities van elk teamlid komen daaruit. Elk rapport is één document, gebouwd op DISC, vijf stappen verder. Naast het gedragsprofiel bevat het ook mindset, zelfvertrouwen, personal branding en een toekomstkompas. Er hoort een eigen AI-coach bij, zodat een teamlid ook tussen sessies door kan sparren over zijn eigen profiel.
De drijfverenlaag staat daar los naast: een eigen analyse, met een eigen certificering, niet verwerkt in het You.Manual™-rapport. Voor een teamanalyse betekent dat twee bronnen naast elkaar: het rapport voor het gedrag van ieder teamlid, en de drijfverenanalyse voor de motivatie erachter.
Wil je zelf teams leren analyseren met beide instrumenten? Bij TalentFirst leiden we coaches, trainers en HR-professionals op via de You.Manual™ DISC-certificering. Werk je liever eerst individueel met deze combinatie, voordat je de sprong naar teamniveau maakt? Lees dan DISC en drijfveren combineren in coaching.
De meeste teamanalyses stoppen bij het wiel, omdat gedrag het makkelijkst te zien is. Maar het interessantste gesprek begint pas op de laag eronder. Welk teamlid ken jij vooral van zijn gedrag, en van wie weet je eigenlijk wat hem drijft?
