In het intakegesprek leg je met een gedragsprofiel de basis voor het traject. Je legt uit wat de analyse is en spreekt af wie het rapport te zien krijgt. Ondertussen stem je het gesprek al af op de stijl die je tegenover je ziet, en schrijf je de hulpvraag op. Het rapport zelf bespreek je later, in een eigen gesprek.
Die volgorde scheelt veel. Een coachee die weet waarom de analyse er is, vult die rustiger in en komt nieuwsgierig naar de nabespreking. Bij TalentFirst werken we met You.Manual™, onze doorontwikkeling van DISC. Ook in de intake merk je dat verschil; hoe precies, staat bij de laatste vraag van dit artikel.
Wat is een intakegesprek met een gedragsprofiel?
Een intakegesprek is het eerste gesprek van een coachtraject. Je verkent de hulpvraag en jullie kijken of het klikt. Ook maak je afspraken over de aanpak. Met een gedragsprofiel erbij krijgt dat gesprek een extra taak: de analyse voorbereiden die het traject straks voedt.
DISC is een gedragsanalysemodel. Het beschrijft waarneembaar gedrag langs vier stijlen: D (Dominant), I (Invloed), S (Stabiel) en C (Consciëntieus). Een gedragsprofiel is de uitkomst daarvan: een rapport over hoe iemand zich doorgaans gedraagt en communiceert. Het is gebaseerd op hoe iemand zichzelf beschrijft.
Laat je het gedragsprofiel vóór of na de intake invullen?
Meestal werkt het best om de analyse in de intake toe te lichten en je coachee daarna uit te nodigen. Dan hoort je coachee eerst van jou waar het over gaat. Pas daarna komt de uitnodiging binnen. In You.Manual™ is dat ook de gewone route: jij nodigt uit, je coachee vult in.
Soms ligt er al een profiel, bijvoorbeeld omdat een organisatie de analyse eerder liet invullen. Lees het dan vooraf, maar houd het in de intake op de achtergrond. Je eerste indruk uit het rapport is een vermoeden. Of dat klopt, hoor je pas als je coachee er zelf iets over zegt.
Hoe leg je een DISC-analyse uit in het intakegesprek?
Begin bij het woord. Spreek over een analyse, nooit over een test of toets. Je kunt er niet voor slagen of zakken, en er bestaat geen goede of slechte stijl. Dat ene zinnetje haalt bij veel mensen de spanning eraf.
Vertel daarna dat DISC over gedrag gaat: wat anderen van je zien, het deel boven de waterlijn. Wat je drijft, valt erbuiten. Iedereen heeft alle vier stijlen in zich. De meeste mensen hebben wel een voorkeursstijl, de stijl die ze het vaakst laten zien. Een hokje is het dus niet.
Zeg er ook bij dat het rapport het beeld van je coachee zelf is. De analyse is gebaseerd op zelfperceptie: zo beschrijft iemand zichzelf. Herkent je coachee straks een deel niet, dan is dat normaal. Daar begint juist een goed gesprek.
Geef tot slot een eenvoudige invultip mee. Plan er een rustig moment voor, en antwoord vanuit hoe je jezelf herkent. Er valt niets goed te doen.
Welke afspraken maak je in de intake over het rapport?
Vertrouwelijkheid is de belangrijkste afspraak, en de intake is de plek om die te maken. Het rapport is van je coachee. Zonder expliciete toestemming deel je het met niemand, ook niet met een leidinggevende of een team.
Betaalt een werkgever het traject? Spreek dan hardop af wat de opdrachtgever wel en niet te horen krijgt. Bijvoorbeeld: de opdrachtgever hoort of het traject loopt, de inhoud van het rapport blijft bij jullie tweeën. Wie dat vooraf weet, kan vrijer invullen.
Plan meteen ook de nabespreking in. Dan weet je coachee dat het rapport niet in een la verdwijnt. Hoe je dat gesprek voert, staat in een DISC-rapport nabespreken.
Hoe stem je het intakegesprek af op de stijl van je coachee?
Het rapport is er nog niet, gedrag zie je al wel. Let op tempo en toon. Een stevige handdruk en stellige uitspraken wijzen een andere kant op dan een rustig tempo en geduldig luisteren. Hoe je zo'n eerste inschatting maakt, lees je in iemands DISC-stijl inschatten in seconden.
Die inschatting gebruik je voor de Platinum Regel: behandel de ander zoals die behandeld wil worden. In de intake ziet dat er zo uit:
- D-stijl: kom snel tot de kern en vraag wat je coachee wil bereiken. Houd de uitleg over de analyse kort en praktisch.
- I-stijl: neem eerst tijd voor het contact en vraag naar ambities. Help daarna vriendelijk terug naar de afspraken.
- S-stijl: stel warme, open vragen en geef tijd om te openen. Vertel duidelijk wat er in het traject gaat gebeuren.
- C-stijl: wees feitelijk en goed voorbereid. Leg uit hoe de analyse werkt en wat er met het rapport gebeurt.
Houd die inschatting licht. Kijken helpt, maar het rapport blijft de betrouwbaarste bron. Een eerste indruk kan ernaast zitten, en je coachee merkt het als je die al als feit behandelt. Kijk ook naar jezelf, want je eigen stijl kleurt hoe je de ander ziet. Meer daarover in je eigen stijl als coach.
Wat doe je met de hulpvraag tot aan de nabespreking?
Schrijf de hulpvraag op in de woorden van je coachee. Een paar open vragen helpen daarbij: "Wat wil je dat er over een paar maanden anders is?" en "Waar loop je nu tegenaan?" Maak er nog geen doel van. Dat doe je beter samen, met het rapport op tafel. Hoe, lees je in een coachdoel formuleren met een gedragsprofiel.
Die genoteerde zin heb je in de nabespreking weer nodig. Je kunt er dan op terugvallen: "Je zei in de intake dat je vastloopt in overleggen. Zie je daar iets van terug in het rapport?" Zo sluit het rapport aan op wat je coachee zelf belangrijk vond. Het voelt dan minder als een uitslag van buitenaf.
Hoe helpt You.Manual™ al in het intakegesprek?
You.Manual™ is gebouwd op DISC, vijf stappen verder. In één rapport staan naast het gedragsprofiel ook mindset, zelfvertrouwen, personal branding en een toekomstkompas. Je coachee krijgt er een eigen AI-coach bij. Voor de intake helpt dat bij het zetten van verwachtingen. Je kunt vooraf vertellen dat het rapport verder kijkt dan gedrag alleen. Een hulpvraag over twijfel of richting krijgt dan al een plek, nog voordat je coachee aan de analyse begint.
In de You.Manual™ DISC-certificering leer je zelf met dat rapport werken in je trajecten.
Een goede intake zorgt dat de analyse echt van je coachee is. Wat wil jij dat je volgende coachee weet, voordat die aan de analyse begint?
