Netwerken voelt lastig als je het doet op een manier die niet bij je past. De meeste tips gaan uit van één soort netwerker: iemand die een zaal binnenloopt, handen schudt en met een stapel visitekaartjes naar huis gaat. Past dat niet bij jou, dan is er niets mis met je. Je hebt dan een andere aanpak nodig, en die vind je in je eigen gedrag.
Die zoektocht begint bij hoe jij met mensen omgaat als niemand iets van je verwacht. Bij TalentFirst kijken we daarvoor met DISC, en met You.Manual™, de doorontwikkeling die we erop bouwden. Verderop in dit artikel zie je wat You.Manual™ toevoegt als je je netwerk wilt uitbouwen.
DISC is een gedragsmodel met vier stijlen: D voor Dominant, I voor Invloed, S voor Stabiel en C voor Consciëntieus. Het is geen test, en er bestaat geen goede of foute stijl. Elke stijl kan goed netwerken, ieder op een eigen manier.
Waarom voelt netwerken voor sommige mensen zo zwaar?
Netwerken voelt zwaar als het gedrag vraagt dat ver van je natuurlijke stijl ligt. DISC kijkt naar gedrag langs twee assen. De eerste loopt van introvert naar extravert, de tweede van taakgericht naar mensgericht.
Op de eerste as zie je het verschil op een borrel meteen. Extravert gedrag neemt het initiatief bij een kennismaking. Introvert gedrag wacht af, luistert aandachtig en stelt vragen. In DISC zijn de D- en de I-stijl extraverter, de S- en de C-stijl introverter. Meer daarover lees je in wat introvert en extravert betekenen in DISC.
De klassieke netwerkborrel is gemaakt voor extravert gedrag. Een volle zaal en korte gesprekjes waarin je snel moet schakelen. Heb je een S- of C-stijl, dan kost dat je meer energie. Jouw kracht in contact ligt ergens anders, en op die kracht kun je net zo goed een netwerk bouwen.
Welke manier van netwerken past bij jouw DISC-stijl?
Elke stijl heeft een eigen manier om contact te maken. Herken je jezelf in meer dan één stijl, dan klopt dat. Iedereen laat meerdere stijlen zien, en je gedrag wisselt per situatie.
D-stijl: netwerken met een doel
Een D-stijl netwerkt het liefst met een duidelijk doel. Wie wil je spreken, en wat moet het opleveren? Die vragen geven je richting en energie. Je bent direct en komt snel tot de kern.
Let wel op je tempo. Geduld en luisteren zijn voor deze stijl lastiger. Gaat een gesprek te snel naar het resultaat, dan voelt het voor de ander al gauw als een verkooppraatje. Stel eerst één echte vraag over de ander, en vertel daarna wat je zoekt.
I-stijl: netwerken op energie
Zet een I-stijl in een volle zaal en het wordt een feestje. Je maakt makkelijk contact en brengt graag mensen bij elkaar. Nieuwe contacten leggen gaat je vanzelf af.
Je valkuil zit in het vervolg. Details en taken afmaken zijn lastiger voor deze stijl. Zo blijft een leuk gesprek soms bij dat ene gesprek. Spreek aan het eind iets concreets af en zet het nog dezelfde dag in je agenda.
S-stijl: netwerken in vertrouwen
Een S-stijl bouwt een netwerk op vertrouwen. Je luistert goed, je bent loyaal en oprecht in contact. Dat is precies waar een sterk netwerk van leeft: mensen die je echt kent.
Een zaal vol onbekenden voelt voor deze stijl al snel onrustig. Kies dan een klein gezelschap, zoals een kop koffie met één persoon of een vaste groep die je vaker ziet. Vraag iemand die je kent om je voor te stellen. Maak het vervolg klein en vast. Dat past bij hoe jij relaties bouwt: rustig en betrouwbaar.
C-stijl: netwerken op inhoud
Small talk? Daar heeft een C-stijl weinig mee. Een goede vakvraag geeft je juist energie, dus netwerk je het best via de inhoud. Je bent grondig en weloverwogen, en dat maakt je een gesprekspartner met diepgang.
Zoek dus plekken waar het over het vak gaat: een vakbijeenkomst, een werksessie, een cursus of een online groep over je vakgebied. Bereid twee of drie vragen voor. Waar je op moet letten: wachten tot alles klopt. Een contact hoeft niet perfect te beginnen om goed te worden.
Hoe netwerk je als je introvert bent?
Als je introvert bent, netwerk je het best in kleine kring en met voorbereiding. Introvert gedrag luistert aandachtig en stelt vragen. Juist die twee dingen maken van een kort praatje een echt gesprek.
Een paar manieren die daarbij passen:
- Spreek één op één af in plaats van in een groep.
- Kom vroeg naar een bijeenkomst, als de zaal nog rustig is.
- Bereid een paar vragen voor over het werk van de ander.
- Stuur na afloop een kort bericht over iets wat je is bijgebleven.
- Plan na een drukke bijeenkomst tijd om bij te komen.
Op het werk speelt hetzelfde. In introvert op de werkvloer lees je hoe je die kant inzet zonder jezelf te forceren.
Moet je je aanpassen aan de ander als je netwerkt?
Ja, een beetje, en dat kan zonder dat je jezelf kwijtraakt. In DISC heet dat de Platinum Regel: behandel de ander zoals die behandeld wil worden. Je stemt je tempo en toon af op de ander en je blijft wie je bent. Aanpassen is iets anders dan nadoen.
Sommige combinaties vragen meer aanpassing dan andere. Volgens DISC hebben D en S, I en C, en D en C de meeste afstemming nodig. Een snelle D tegenover een rustige S doet er goed aan vaart te minderen. Een enthousiaste I tegenover een analytische C begint beter bij de inhoud. Meer over die regel lees je in wat is de Platinum Regel.
Wat vertel je over jezelf als je iemand nieuw ontmoet?
Vertel in een paar zinnen wat je doet en waar je energie van krijgt. Dat is lastiger dan het klinkt, zeker als je jezelf niet graag op de voorgrond zet. Het helpt als je weet welk werk bij je stijl past. Daarover gaat werk dat jouw stijl energie geeft. Hoe je zo'n korte introductie opbouwt, lees je in vertel eens iets over jezelf.
Een voorbeeld in de stem van een S-stijl: "Ik help teams om rustig te blijven als er veel verandert. Daar word ik blij van." Het is kort en eerlijk, en het nodigt uit tot een vervolgvraag.
Twijfel je of je huidige baan nog bij je past? Dan is netwerken een goede manier om te verkennen wat er nog meer is. In past deze baan nog bij mij vind je vragen om die twijfel te onderzoeken.
Wat voegt You.Manual™ toe als je je netwerk wilt uitbouwen?
You.Manual™ is gebouwd op DISC, vijf stappen verder. Naast je gedragsprofiel krijg je secties over mindset, zelfvertrouwen, personal branding en een toekomstkompas, plus een eigen AI-coach. Bij netwerken raken vooral personal branding en zelfvertrouwen de kern. Het gaat erom dat je weet waar je sterk in bent, en dat je het in je eigen woorden durft te vertellen. Meer over het programma lees je op youmanual-programma.talentfirst.nl.
Een netwerk is een kring van mensen die jij vertrouwt en die jou vertrouwen. Hoe je die kring bouwt, mag helemaal bij jou passen. De borrel telt, de kop koffie met één persoon ook. En die ene goede vakvraag net zo goed. Welk gesprek zou jij voeren als je het helemaal op jouw manier mocht doen?
