Wil je weten hoe je overkomt, vraag het dan aan een paar mensen die je in verschillende situaties meemaken. Stel ze concrete vragen over je gedrag, geen vragen naar een oordeel. Geef ze tijd om na te denken, luister zonder je te verdedigen en zoek daarna wat vaker terugkomt.
Vaak blijft het bij "zeg het maar eerlijk", waarop de ander antwoordt: "Ach, je bent prima." Dit artikel gaat over de vraagkant: wie je vraagt, wat je vraagt, hoe je reageert en wat je daarna met de antwoorden doet. Bij TalentFirst werken we met You.Manual™, onze doorontwikkeling van DISC. Zo'n rapport beschrijft hoe jij je eigen gedrag ziet, en dat is een handig startpunt voor een gesprek met een ander.
Waarom zie je zelf niet goed hoe je overkomt?
Je kent je eigen bedoelingen, en anderen zien alleen je gedrag. Jij weet dat je stil bent in een overleg omdat je nadenkt. Een collega ziet iemand die zich afzijdig houdt. Beide beelden zijn echt, ze kijken alleen vanaf een andere plek.
DISC maakt dat verschil bespreekbaar. DISC is een gedragsanalysemodel met vier stijlen: D (Dominant), I (Invloed), S (Stabiel) en C (Consciëntieus). Het model werkt met het beeld van een ijsberg. Boven de waterlijn zit waarneembaar gedrag: hoe je praat en hoe je reageert. Daaronder zitten drijfveren, overtuigingen, waarden en ervaringen. Anderen zien vooral het deel boven water, en precies daarover kun je ze iets vragen. Meer over het model lees je in Wat is DISC?
Een DISC-rapport is gebaseerd op zelfperceptie. Je beschrijft jezelf, en het rapport laat zien hoe jij je gedrag ziet. Ongeveer 80 procent herkenning is normaal. Hoe een ander jou meemaakt, staat er niet in. Daarvoor heb je de mensen om je heen nodig.
Aan wie vraag je eerlijke feedback over hoe je overkomt?
Vraag het aan een paar mensen die je in verschillende rollen zien. Een collega uit je team, iemand die je leidinggevende is of was, een klant, een vriend die je buiten werk kent. Gedrag wisselt per situatie. Iemand kan op het werk vooral daadkrachtig zijn en thuis juist geduldig. Met één bron zie je maar één kant.
Kies ook bewust iemand met een andere stijl dan jij. Wie op je lijkt, vindt jouw gedrag al snel gewoon. Iemand die anders in elkaar zit, merkt eerder waar jouw tempo of toon schuurt. Een rustige, zorgvuldige collega ziet andere dingen aan een snelle prater dan een andere snelle prater.
Vraag liever niet alleen de mensen die je het meest waarderen. Hun antwoord is warm, maar zelden volledig. Iemand met wie het weleens botst, heeft vaak het scherpste beeld. Dat hoeft geen ruzie te worden als je het goed vraagt.
Welke vragen stel je om eerlijke feedback te krijgen?
Vraag naar gedrag in een situatie, en laat het oordeel over wie je bent liggen. Op "Wat vind je van me?" krijg je beleefdheid. Op een concrete vraag krijg je een concreet antwoord. Een paar voorbeelden:
- "Wat doe ik in een overleg als ik het ergens niet mee eens ben?"
- "Hoe merk je aan mij dat ik onder druk sta?"
- "Wat zou je mij aanraden om vaker te doen, en wat minder?"
- "Waar kun je op mij bouwen?"
- "Wanneer kom ik anders over dan ik waarschijnlijk bedoel?"
- "Hoe zou je mij omschrijven aan een nieuwe collega?"
Vraag ook naar je sterke kanten. Wat anderen in je waarderen, zie je zelf vaak het minst. Waarom dat zo is, lees je in Je sterke punten ontdekken.
Zeg er ook bij waarom je het vraagt. Een zin als "Ik wil beter samenwerken en weet niet goed hoe ik overkom" maakt eerlijk zijn makkelijker. Dan weet de ander dat je echt een antwoord wilt horen.
Hoe vraag je feedback aan iemand met een andere DISC-stijl?
Stem je vraag af op de ander. Dat is de Platinum Regel van DISC: behandel de ander zoals die behandeld wil worden. Bij feedback vragen werkt dat net zo. De manier waarop je vraagt, bepaalt hoeveel je terugkrijgt. Meer over die regel lees je in Wat is de Platinum Regel?
- D (rood): wees kort en direct. Stel één heldere vraag en zeg waar je het antwoord voor gebruikt. Bijvoorbeeld: "Wat kan ik anders doen zodat onze overleggen sneller gaan?"
- I (geel): begin persoonlijk en maak er een gesprek van. Geef ruimte om te vertellen. Afwijzing is voor deze stijl de grootste angst, dus kritiek uitspreken voelt soms ongemakkelijk. Vraag daarom ook wat er goed gaat.
- S (groen): geef tijd. Stuur je vragen vooraf op papier en spreek later af. Maak duidelijk dat een eerlijk antwoord de relatie niet schaadt. Wie conflicten liever vermijdt, zegt het lastige deel pas als het veilig voelt.
- C (blauw): wees specifiek en geef ruimte om na te denken. Feedback geven valt deze stijl vaak niet makkelijk. Vraag dus naar één concrete situatie in plaats van een algemeen beeld. Dan krijg je een precies antwoord terug.
Hoe reageer je als de feedback schuurt?
Luister en schrijf het op. Bedank de ander. Leg niet uit waarom het anders zit, ook niet als je het oneens bent. Wie zich verdedigt, krijgt de volgende keer een vriendelijker en minder eerlijk antwoord.
Let op je eigen reactie onder druk, want die hangt samen met je stijl. Een D kan ongeduldig of eisend worden. Een I gaat sneller praten en wordt oppervlakkiger. Een S trekt zich terug, en een C wordt sceptisch en zoekt gaten in het verhaal. Weet je welke reactie bij jou hoort, dan zie je die op tijd aankomen.
Gun jezelf een paar dagen voordat je een oordeel velt. Een opmerking die vandaag steekt, kan na een week raak blijken. Of juist niet, en dat mag ook.
Wat doe je met de antwoorden over hoe je overkomt?
Zet de antwoorden naast elkaar en markeer wat overlapt. Let ook op dingen die in andere woorden hetzelfde zeggen. "Je bent snel" en "je laat weinig ruimte" kunnen over hetzelfde gedrag gaan.
Kijk daarna waar de feedback een sterke kant raakt. In DISC slaat elke kracht bij overgebruik om in een valkuil. Directheid wordt botheid, en enthousiasme wordt meer beloven dan je waarmaakt. Harmonie wordt conflicten vermijden, en nauwkeurigheid wordt perfectionisme. Kritiek op je valkuil gaat dus vaak over een kracht die te hard staat. Hoe je zo'n patroon verder uitzoekt, lees je in Je blinde vlekken ontdekken.
Kies dan één ding om mee te oefenen, op één vast moment, zoals het wekelijkse overleg. Spreek vooraf met jezelf af wat je anders doet. Aanpassen is geen imiteren: je verandert tempo en toon, en je blijft jezelf.
Ga na een paar weken terug naar dezelfde mensen. "Je zei toen dat ik weinig ruimte liet. Merk je verschil?" Die tweede vraag levert vaak meer op dan de eerste. De ander ziet dat je er iets mee deed, en durft daardoor eerlijker te zijn.
Hoe helpt een gedragsprofiel bij feedback vragen?
Met een profiel in de hand wordt je vraag concreter. Je vraagt dan niet meer "Hoe kom ik over?", maar: "Hier staat dat ik onder druk ongeduldig kan worden. Herken je dat bij mij?" De ander reageert op iets wat al op papier staat. Dat voelt minder persoonlijk en maakt eerlijk zijn makkelijker.
In een You.Manual™-rapport lees je je sterke kanten en je stressgedrag in gewone taal, naast elkaar. Zo heb je de zinnen al klaar om aan een ander voor te leggen. You.Manual™ is gebouwd op DISC, vijf stappen verder: ook je mindset, zelfvertrouwen, personal branding en toekomstkompas krijgen een plek. Met een eigen AI-coach bespreek je het rapport na wanneer jij dat wilt. Je begint via het You.Manual™-programma.
Feedback vragen gaat makkelijker naarmate je het vaker doet. De antwoorden worden ook eerlijker, omdat mensen zien dat je er iets mee doet.
Welke vraag over jezelf durf je het minst te stellen, en wie in je omgeving zou je die vraag toch als eerste willen voorleggen?
