Of leidinggeven bij je past, lees je af aan twee dingen: welk gedrag je energie geeft, en wat je ten diepste motiveert. Vakmanschap zegt er weinig over. Organisaties vragen vaak de beste specialist om het team te gaan leiden. Dat is een heel ander vak. Ja zeggen omdat het de volgende stap lijkt, is de snelste weg naar werk dat niet bij je past.
Bij TalentFirst kijken we naar die keuze met You.Manual™, onze doorontwikkeling van DISC. Hoe je daarmee de taken van een leidinggevende naast je eigen energie legt, komt in de laatste sectie aan bod.
DISC is een gedragsanalysemodel met vier gedragsstijlen: D (Dominant), I (Invloed), S (Stabiel) en C (Consciëntieus). Het model gaat terug op het werk van psycholoog William Moulton Marston uit 1928. Iedereen laat alle vier de stijlen zien, maar meestal springt er één uit: je voorkeursstijl.
Waarom lijkt leidinggevende worden de enige weg omhoog?
Omdat veel organisaties groei zo hebben ingericht. Salaris en aanzien groeien vaak mee met de lijn, minder met het vak. Wie goed is in het werk, krijgt dus vroeg of laat de vraag of die het team wil trekken.
Die vraag voelt als een compliment, en dat is ze ook. Alleen vraagt de nieuwe rol om iets anders dan wat je goed maakte. Als specialist waarderen mensen je om je eigen werk. Als leidinggevende telt wat anderen voor elkaar krijgen. Je ruilt het maken in voor het mogelijk maken.
Sta daarom even stil voordat je ja zegt. Een rol die bij je past, maakt je werk leuker. Een rol die alleen past bij wat anderen van je verwachten, kost je elke week een beetje meer.
Wat vraagt leidinggeven van je gedrag?
Leidinggeven vraagt om gedrag uit alle vier de stijlen. Op maandag hak je een knoop door, op dinsdag zit je naast iemand die vastloopt. Je maakt een team enthousiast voor een plan en bewaakt daarna ook de kwaliteit ervan.
Niemand doet dat allemaal vanzelf. Elke stijl brengt eigen sterke punten mee:
- D (Dominant): besluitvaardig en direct, lost snel problemen op. Heeft moeite met geduld en luisteren.
- I (Invloed): enthousiast en overtuigend, werkt graag samen. Heeft moeite met details en structuur.
- S (Stabiel): loyaal, geduldig, een goede luisteraar. Heeft moeite met verandering en conflicten.
- C (Consciëntieus): analytisch, nauwkeurig en grondig. Heeft moeite met snel beslissen en feedback geven.
Elke stijl kan leiden, elk op een eigen manier. Meer daarover lees je in welke DISC-stijl past bij leiderschap. De vraag voor jou is een andere: welk deel van dat werk geeft jou energie, en welk deel kost je energie?
Wat zegt de energielijn over leidinggeven?
De energielijn is de middenlijn bij 50 in de grafieken van een DISC-rapport. Gedrag boven de 50 is goed zichtbaar en levert je energie op. Gedrag onder de 50 is minder zichtbaar en kost je energie om te laten zien.
Leg het werk van een leidinggevende daar eens naast. Ligt je D onder de lijn, dan kost elk moeilijk besluit je moeite. Met een lage I put een teamdag of een presentatie je uit. Dat kun je best, je laadt er alleen niet van op.
Kijk dus naar je eigen profiel met deze vraag: hoeveel van de taken van een leidinggevende vallen boven jouw energielijn? Hoe je die lijn leest, staat in de energielijn in je DISC-rapport. En wil je weten welk soort werk jouw stijl energie geeft, lees dan werk dat jouw stijl energie geeft.
Past leidinggeven bij je drijfveren?
Gedrag is maar de helft van het verhaal. In het ijsbergmodel zie je gedrag boven de waterlijn. Daaronder zitten je drijfveren: het waarom achter wat je doet.
TalentFirst werkt met zeven drijfveren: Esthetisch, Economisch, Individualistisch, Politiek, Dienend, Ordenend en Theoretisch. Die meet je met een aparte drijfverenanalyse, los van je gedragsprofiel. Een paar ervan raken de keuze voor leidinggeven direct.
Word je gedreven door invloed (Politiek), dan kan een rol met zeggenschap je veel geven. Wil je vooral van betekenis zijn voor anderen (Dienend), dan kan mensen laten groeien je oprecht voldoening geven. Draait het voor jou om kennis en inzicht (Theoretisch), dan is de kans groot dat je het diepe vakwerk gaat missen. En wie veel waarde hecht aan autonomie (Individualistisch), kan een rol vol overleg en afstemming als een kooi ervaren.
Hoe je zo'n keuze langs je drijfveren legt, lees je in loopbaankeuzes maken vanuit je drijfveren.
Hoe weet je dat je liever specialist blijft?
Een paar signalen helpen. Je krijgt energie van diep in een vraagstuk duiken. Je bent trots op het werk dat je zelf maakt. Je ergert je aan overleg dat je van je eigenlijke werk houdt. En als iemand een fout maakt, wil je het het liefst zelf even oplossen.
In DISC bestaat er zelfs een stijlpatroon voor: de Specialist. Dat patroon staat voor diepe kennis, focus en zelfstandig werken. De bekende valkuil: moeite met delegeren. Juist dat delegeren is een groot deel van leidinggeven.
Herken je jezelf hierin, dan heb je iets in handen. Een organisatie heeft mensen nodig die het vak beter maken. Vakinhoudelijk doorgroeien is een volwaardige keuze. Vraag dus eens naar een rol als expert, coach van collega's of eigenaar van een vakgebied. Het jaargesprek is daar een goed moment voor. Hoe je dat voorbereidt, lees je in je jaargesprek voorbereiden.
Kun je leidinggeven als het niet bij je stijl past?
Ja. Gedrag hangt af van de context. Je hebt een voorkeursstijl, maar je kunt in een rol ander gedrag laten zien. Dat heet aanpassingsvermogen: de bereidheid en het vermogen om je gedrag af te stemmen op de ander.
Aanpassen betekent dat je je tempo of je toon verandert. Je blijft wie je bent. Wie de eigen stijl kent, weet ook wanneer schakelen nodig is.
Wel geldt: wat onder je energielijn valt, blijft energie kosten. Dat kan jaren goed gaan, zolang je ook genoeg werk hebt dat je oplaadt. Ga je de stap zetten, lees dan voor het eerst leidinggevende voor de valkuil die bij jouw stijl hoort.
Hoe maak je de keuze tussen leidinggeven en vakinhoudelijk doorgroeien?
Begin bij de taken, niet bij de titel. Schrijf op wat een leidinggevende in jouw organisatie echt doet in een gewone week. Denk aan gesprekken voeren, beslissen, plannen, conflicten oplossen en verantwoording afleggen.
Zet dan bij elke taak of die jou energie geeft of kost. Gebruik je gedragsprofiel en je drijfveren daarbij als spiegel. Praat daarna met iemand die de rol al heeft, en vraag wat die het meest verraste.
Voor de gedragskant van die spiegel is er You.Manual™. Het is gebouwd op DISC en gaat vijf stappen verder. Naast je gedragsprofiel krijg je secties over mindset, zelfvertrouwen, personal branding en een toekomstkompas, plus een eigen AI-coach. Bij deze keuze helpt vooral het toekomstkompas, omdat het je laat kijken welke richting past bij wie jij bent. Met de AI-coach kun je de twijfel daarna rustig doorpraten. Kijk voor je eigen rapport bij het You.Manual™-programma.
Twijfel je nog of je huidige baan überhaupt bij je past, lees dan ook past deze baan nog bij mij.
Bijna iedereen kan leidinggeven leren. Of je het ook wilt, weet alleen jij. Welk deel van je werk zou je het meest missen als je morgen het team ging leiden?
